artikel

Verbouwing betaalt zich uit: 25 procent omzetplus

De Slagerij 800

Slagerij Van Melik Landgraaf onderging begin dit jaar een rigoureuze verbouwing. Niet alleen kreeg de zaak een hedendaagse uitstraling, ook werden het winkeloppervlak en het assortiment fors uitgebreid. Een goede zet: de omzet is structureel met 25 procent omhoog gegaan, daarnaast weten meer jongeren en tweeverdieners de winkel te vinden. Maar voor eigenaren Michael en Tiny Wilbrink is dit geen reden om achterover te leunen: zij zitten vol plannen voor de toekomst.

Verbouwing betaalt zich uit: 25 procent omzetplus
Tiny en Michael Wilbrink staan samen aan het roer van Slagerij Van Melik Landgraaf. Beeld: Marcel van Hoorn

W inkelcentrum Op de Kamp – hét winkelhart van het Zuid-Limburgse Landgraaf – vormt het thuishonk van Slagerij Van Melik Landgraaf. Bijna 25 jaar geleden begonnen Herman en Tiny Wilbrink hier hun eigen zaak, onder de vlag van de slagerij-franchiseformule van de Van Melik Food Groep. ‘Mijn man werkte toen al jarenlang als slager in loondienst’, vertelt Tiny Wilbrink (61). ‘Zijn droom was echter om een eigen zaak te beginnen. In 1994 deed zich die kans voor; die grepen we met beide handen aan. Toentertijd waren we de eerste franchisezaak van slagerij Van Melik; inmiddels zijn er negen franchisezaken, allemaal in Zuid-Limburg.’

Sinds een jaar of vijftien biedt de zaak niet alleen onderdak aan een slagerij, maar ook aan broodjeszaak Bufkes; een andere franchiseformule van de Van Melik Food Groep. ‘Er bestaat een duidelijke wisselwerking tussen beide bedrijfsonderdelen. Mensen die langskomen voor een belegd broodje kopen vaak ook wat in de slagerij en vice versa.’

Tropentijden

Hoewel vader Herman het hem ten zeerste afraadde – hij zag door de opmars van de supermarkten weinig toekomst voor de ambachtelijke slager – koos ook zoon Michael (37) ervoor om de slagersvakopleiding te gaan volgen. Ruim 15 jaar geleden kwam hij in de zaak. Michael runde het bedrijf samen met zijn ouders, totdat vader Herman in 2016 onverwachts overleed. Een grote klap. ‘Niet alleen emotioneel, maar ook in zakelijk opzicht’, vertelt Michael Wilbrink. ‘Pap was één van de drijvende krachten achter de slagerij. Daarbij was het lastig om op korte termijn een vervangende slager te vinden, wat betekende dat al het werk in eerste instantie op mijn schouders neerkwam. Dat waren tropentijden.’

Toch twijfelden Michael en Tiny geen moment of ze de zaak zouden doorzetten. ‘Ik wilde afmaken waar pap aan begonnen was’, benadrukt Michael Wilbrink.

De toonbank in de nieuwe winkel is 12 meter lang.

140.000 kilo puin

Een half jaar na het overlijden van hun echtgenoot en vader diende zich de mogelijkheid aan om de bedrijfsruimte van de naastgelegen groentezaak te huren. Een kans die de ondernemers niet aan zich voorbij konden én wilden laten gaan. ‘Onze winkel, die 100 vierkante meter telde, was al jarenlang te klein’, zegt Tiny Wilbrink. ‘Ook bood de toonbank te weinig ruimte, net zoals de koelcel en de vriezer. Door het buurpand erbij te huren, konden we onze winkel bijna verdubbelen. Daarbij ging de winkelinrichting al 23 jaar mee; een moderne ‘touch’ was welkom.’

Om een lang verhaal kort te maken: op 12 februari van dit jaar walste de bulldozer de volledige inrichting van de winkel plat. Dit leverde maar liefst 140.000 kilo puin op. Vervolgens werd alles weer vanaf nul opgebouwd. ‘We waren drie weken lang gesloten’, vertelt Michael Wilbrink. ‘In eerste instantie hadden we wel een Bufkes-foodtruck buiten het winkelcentrum staan, maar omdat het té koud was moesten we vrij snel stoppen met de verkoop.’

Transparantie

Op 9 maart opende de nieuwe zaak de deuren. De winkel springt vooral in het oog door de eigentijdse en industriële, maar toch tijdloze uitstraling. Bij de inrichting is veel gebruikgemaakt van hout, staal, natuursteen en glas. Ook neemt de kleur zwart een prominente plaats in; de muren zijn betegeld in diverse zwarttinten. ‘Dit geeft de winkel een bepaald cachet, een luxere uitstraling.’

De slagerij en de Bufkes-broodjeszaak en zijn van elkaar gescheiden door een koelmeubel.

De door Emondt KMI verbouwde winkel ademt daarnaast transparantie. Zo geeft een raam de klanten een inkijkje in de dieptekoeling en scheidt alleen een laag muurtje de verwerkingsruimte van de winkel. ‘Alle productiehandelingen gebeuren in het zicht van de klanten, achter hebben we alleen nog een spoelkeuken. Hierdoor is er meer contact met de klanten, ook bieden we op deze manier extra beleving. Daarbij: we hebben niets te verbergen.’

In de nieuwe zaak is ook een duidelijke ‘knip’ gemaakt tussen de slagerij en de Bufkes-broodjeszaak. Beide onderdelen hebben hun eigen toonbank, en zijn van elkaar gescheiden door een koelmeubel. ‘We willen dat het Bufkes-gedeelte stand-alone kan draaien. Dat biedt extra kansen, bijvoorbeeld voor openstelling op zondag. Dat hebben we enkele jaren geleden wel eens geprobeerd, maar het bleek voor de slagerij niet rendabel. Nu kunnen we ook alleen de Bufkes-hoek opengooien.’

Breder assortiment

Michael Wilbrink geeft aan dat bij de Bufkes-formule sprake is van hard franchising; de look en feel en het assortiment worden grotendeels voorgeschreven door de Van Melik Food Groep. Voor de slagerij geldt dat in mindere mate. ‘We konden de winkel grotendeels naar eigen inzicht vormgeven. Datzelfde geldt voor het assortiment.’

Alle productiehandelingen gebeuren in het zicht van de klanten.

Met de opening van de nieuwe winkel werd ook het slagerij-assortiment uitgebreid. ‘Die mogelijkheid hadden we eerst niet, omdat onze toonbank maar 7,5 meter telde. Nu is deze 12 meter lang, waardoor we veel meer producten kunnen presenteren. Naar onze mening is een breed assortiment ook een must om je te onderscheiden van de supermarkt en je bestaansrecht veilig te stellen.’

Concreet betekent dit onder meer dat Slagerij Van Melik Landgraaf meerdere soorten rund- en varkensvlees aanbiedt. ‘We verkopen niet alleen gewoon varkensvlees, maar ook Duroc-, Livar- en Iberico-vlees. Daarnaast zijn we meer luxere producten en specialiteiten gaan aanbieden zoals ribeye en dry-aged entrecote. Ook ons assortiment aanverwante producten is uitgebreid; denk aan wijnen, sauzen en kruiden. De laatste jaren zijn we steeds meer bezig met cross selling: een klant die een biefstukje koopt, adviseren we ook over bijbehorende kruiden, sauzen en wijnen. Verder hebben we maar liefst 27 verschillende salades in ons assortiment. We zetten zoveel mogelijk in op ‘one-stop-shopping’; dat is de trend.’

Nieuwe doelgroep

De investeringen zijn niet voor niets geweest: klanten reageren volgens Michael en Tiny Wilbrink zonder uitzondering enthousiast op de vernieuwde winkel. Ook heeft de verbouwde zaak én het ruimere assortiment een aanzuigende werking op nieuwe klanten. ‘Sinds de heropening zetten we fors meer om; er is sprake van een stabiele omzetgroei van 25 procent. Bestaande klanten kopen meer, maar we hebben ook veel nieuwe klanten gekregen. Wat opvalt, is dat hier veel jongeren en tweeverdieners bij zijn. Dat hadden we wel gehoopt, maar het is toch afwachten of je die daadwerkelijk aanspreekt. We merken sowieso duidelijk dat steeds meer consumenten bewust bezig zijn met wat ze eten en ook bereid zijn om hiervoor te betalen. Dat biedt kansen voor de ambachtelijke slager.’

Om klanten aan je te binden, moet je je blijven profileren en hen blíjven verrassen

Toekomstplannen

Met de doorgevoerde veranderingen is hun zaak volgens moeder en zoon Wilbrink ‘toekomstproof’. Maar desondanks is achteroverleunen er niet bij, benadrukt Michael Wilbrink. ‘Om klanten aan je te binden, moet je je blíjven profileren en hen verrassen. We hebben daarom nog volop plannen voor de toekomst. Zo willen we bijvoorbeeld zelf maaltijden gaan bereiden, ons ook richten op catering en kookavonden en wijnproeverijen gaan organiseren. In onze zaak staat namelijk ook een kookeiland. Op deze manier vergroot je de betrokkenheid van je klanten, waardoor zij een soort ambassadeurs van jouw zaak worden. Dat is enorm waardevol.’

Daarnaast denkt de Limburger erover om in de toekomst meer samenwerking te zoeken met andere versspeciaalzaken. ‘Kortom: we hebben plannen te over. Eerst hadden we eenvoudigweg geen ruimte om al deze ideeën ten uitvoer te brengen, nu kan dat wel. Maar voorlopig maken we nog even pas op de plaats. We willen de werkflow in de nieuwe winkel volledig onder controle hebben en ook organisatorisch de puntjes op de i zetten. Eerst moet de basis op orde zijn, dan pas kun je beginnen aan iets nieuws.’

Meer bedrijfsreportages lezen? Neem dan een abonnement op Vleesmagazine. 

Reageer op dit artikel