nieuws

KNS: ‘Bemoeienis vleesconsumptie bedreigt ambachtslieden’

Nieuws 1163

‘Het is onnodig dat slagers met deze discussie in een hoek worden gedreven en het product in de ban wordt gedaan.’ Dat is de reactie van KNS-directeur Peter Hoogenboom op het artikel ‘Vlees moet op rantsoen’ van De Telegraaf.

KNS: ‘Bemoeienis vleesconsumptie bedreigt ambachtslieden’
Peter Hoogenboom, directeur KNS. Foto: KNS

Peter Hoogenboom, directeur van Koninklijke Nederlandse Slagers (KNS) reageert op een artikel dat twee weken geleden in De Telegraaf verscheen. De kop van het artikel luidde: ‘Vlees moet op rantsoen’. De strekking van het verhaal is dat de opstellers van het klimaatakkoord de oplossing hebben gevonden in de vorm van het verminderen van de vleesconsumptie.

‘Nederlanders mogen zich opmaken voor een vleesrantsoen. Als het aan de opstellers van het klimaatakkoord ligt, verdwijnt vlees vijf van de zeven dagen per week van het bord. Twee gehaktballen per week, meer blijft er niet over. En dat alles om de overigens minieme Nederlandse bijdrage aan het wereldwijde broeikaseffect nog verder te verkleinen’, zo schreef het dagblad.

Reactie KNS

Hoogenboom is het niet eens met die stelling en schrijft daarom deze reactie:

Vlees op rantsoen en de slager

Twee gehaktballen per week. Dat moet het maximum worden voor de vleesconsumptie. Voor consumenten een onderwerp van gesprek, maar voor slagers zeker ook. Voor een beroepsgroep waarbij vlees een groot deel (niet het enige deel) van het assortiment en de basis van de bedrijfsvoering is, zeker een hekel punt. Vooral ook omdat uit de cijfers van het klimaatakkoord blijkt dat wij als klein land sowieso een minieme bijdrage leveren aan de oplossing. Het lijkt er sterk op dat het oplossen van de problematiek rondom milieu wordt gezien in het bannen van vlees, terwijl het Planbureau voor Leefomgeving (PBL) aangeeft dat de halvering van vleesconsumptie slechts enkele procenten minder CO2-uitstoot oplevert. De bemoeienis met het eetpatroon wekt veel wrevel. Niet alleen bij slagers, maar ook bij consumenten. Wat slagers betreft gaat het niet om veel of weinig vlees eten, maar om verantwoord en duurzamer vlees eten in de context van een gezond voedingspatroon.

Passie voor vlees

Slagers hebben een vak geleerd, een ambacht. Zij hebben een passie voor vlees, ze houden van het bewerken van vlees tot mooie producten en van het adviseren van consumenten voor een goede bereiding van vlees als onderdeel van een gezonde maaltijd. Natuurlijk zijn het, net als heel veel Nederlanders, genieters van vlees. Vlees heeft tenslotte niet alleen een aantal belangrijke voedingsstoffen, maar is bovendien smakelijk. Daarom is het absoluut onnodig dat boeren en slagers met deze discussie in een hoek worden gedreven en het product in de ban wordt gedaan.

Het is absoluut onnodig dat boeren en slagers met deze discussie in een hoek worden gedreven en het product in de ban wordt gedaan

De slagerij is met 15 procent aandelen in alle vleesverkopen een kleine speler, maar wel de belangrijkste speler als het gaat om kwaliteit, klantencontact en daarmee advies. Daarnaast is een slager in staat om een product op maat te maken, ook voor de consument die minder vlees wilt eten. Een biefstuk van 80 gram of een vleesproduct verrijkt met groente: de slager heeft de expertise in huis. De slager is een specialist als het gaat om vlees. Een vakman die zijn product optimaal verwaardt in de traditie van vakmanschap en ambacht. Van kop tot staart is niet zomaar een uitspraak, het is een uitspraak die past bij de slager. Een slager die bewust zijn vee kiest, weet wat een korte keten brengt en hoe zijn klanten het best producten bereiden om zo optimale voedingswaarde te behouden.

Ambachtslieden bedreigd

Wanneer de bemoeienis van de vleesconsumptie wordt voorgezet, bedreig je een groep ambachtslieden die hun vak uitstekend verstaat. Een bedrijfstak waarin ruim 18.000 mensen bezig zijn met de dagelijkse verantwoorde voeding van hun klant.

Een slager is geen promotor van grote hoeveelheden vlees. Het is een specialist die met veel liefde een puur ambachtelijk product maakt met aandacht voor duurzaamheid, herkomst en uiteraard smaak. Natuurlijk moet er aandacht zijn voor het minderen van vlees. De realiteit is echter dat de beperking tot twee gehaktballen per week geen ongelofelijke milieuwinst oplevert, slechts een paar procent. Bedenk ook dat het Nederlandse vlees, geproduceerd op Hollandse bodem, al zoveel duurzamer is dan vlees in veel andere landen.

Bemoeienis met het eetpatroon wekt veel wrevel

De bemoeienis met het eetpatroon wekt veel wrevel. Niet alleen bij slagers, ook bij consumenten. Kies voor minder, maar kies voor verantwoord vlees. Vlees waarvan je de oorsprong kent, of waar jouw specialist over kan vertellen. Geniet van goed vlees dat smakelijk bereid is.

Reageer op dit artikel